Gedichten

Sonnetten cyclus – Zoeken in het donker

I

Ik zoek geen land met vrede
geen huis vol harmonie
Het zachte doet mij denken
aan leed, verstopt heel diep

Ik zoek geen stad vol mensen
om samenzijn te vragen
Geen andere gekwetste ziel
om die van mij te dragen

Ik zoek de waarheid
door de pijn
om bij het licht te komen

De strijd om leven
door de dood
en risico’s genomen

II

Ik zoek geen lege liefde
van mensen hand in hand
Geen vrede in ons midden
en oorlog aan de overkant

Ik zoek geen weegschaal
zonder zwaard, want
alles is een paradox
en zo het zoeken waard

Ik zoek een mens
die, net als ik,
zijn schaduwkanten kent

die willens weet
Dader te zijn
al was het ongepland

III

‘k Tel de uren van het leven
soms ben ik het wachten moe
waar ik heen ga en/of hoe
kan me dan niet schelen

En ik word steeds achtervolgd
door dat pijnlijke verlangen
als ’t geluid van dodenzangen
dreigend mooi en stemmig hol

Eenzaam loop ik met dit lot
tastbaar in mijn eigen handen
waarom niet in die van God?

In de tuin van mijn gedachten
staat versteend mijn ziel
gevangen in het wachten

IV *

‘k Verzamel vrienden voor mijn sprong
een bed van bladeren om zacht te vallen
Terwijl ik aftel, duizelingwekkende getallen,
bijt ik met ogen dicht het puntje van mijn tong

Zo hoog begin ik om de tijd te rekken,
wat onvermijdelijk is uit te stellen
Voordat zij naakte oordelen gaat vellen;
hoelang kan waarheid zich bedekken?

En zelfs de liefde laat mij in steek
en zij beweerde ooit te gaan voor mijn belang,
maar Venus vindt dat ik het uit moet zoeken

Als dat zo is, wie hoedt mij dan?
‘k Verzamel vrienden voor mijn sprong
alleen ben ik en heel erg bang


*Dit gedicht heb ik in het Frans hertaald Poèmes


Wachtkamerliefde

Hij had slingers van hartjes opgehangen,
stuurde fluisterbriefjes vol verlangen
en had duizend zinnen op haar gezet.
Maar Amor miste zijn doel toch net…

Want de werkelijkheid kwam ertussen,
vlak voordat hij haar zou kussen.
Het werd te echt voor deze dromer.
Seizoenen verstreken, ’t werd weer zomer.

Hij kon, hij mocht, hij durfde niet,
Terwijl zij stuk ging van verdriet
beloofde hij op haar te wachten.

Ze was altijd in zijn gedachten;
hij wist dat zij hem toebehoorde
het bewijs lag in de woorden