Struikelblogs

Territoriumdrift

De oase van rust en intimiteit rond huis en tuin veranderde opeens in een verstoorde habitat toen kwakende kikkers ruimte eisten. De vraag drong zich op of wij (de vogels en ik) hier wel konden overleven. Ik was één met de merels die elk jaar hun territorium afbakenen: strategisch gepositioneerd op een schutting of tak met drie tuinen als referentiepunt. Rust in de tent.  

In het begin van het jaar, zodra de sneeuwklokjes verschijnen, ontstaat er competitie tussen vogels, die kost en inwoning zoeken. Waar zij ’s winters rozijnen, appels, vetbollen en zaden geserveerd krijgen, moeten ze in de andere seizoenen bessen, fruit, insecten en alles wat krioelt zelf bij elkaar foerageren. Met als service van het huis een regelmatig ververst drink- annex badderbad. Dankbaarheid bestaat uit grootschalige aanwezigheid en een diversiteit aan nestjes.

Vinken en mezen, heggenmusjes, winterkoninkjes en roodborstjes, maar ook boomkruipers en -klevers, zanglijsters en een verdwaalde specht leven hier samen. Maar onze gevleugelde vriendjes zijn petieterig van formaat en maken alleen korte, simpele geluidjes, zoals ‘psie’ of ‘tjik’. Ik vertaal dat als: ‘hier ben ik, pas op, daar komt een kat,’ zoiets. Verder niets. Niet zoals buren kunnen kwaken.

Vroeger hoorde of zag ik de buren nauwelijks. Ben ik ontzien of liepen ze vroeger op eieren? Terwijl ik meer behoefte aan rust heb dan ooit, zijn er binnen het tijdsbestek van een jaar aan beide kanten nieuwe buren gekomen. Met kinderen. En dat maakt het verschil.

Er zijn ergere dingen. Dit zeg ik nu tegen mezelf omdat ik geconfronteerd word met diefstal van mijn privacy, terwijl de wereld in de fik staat. Hier worden geen drone aanvallen uitgevoerd, er zijn geen sirenes (is er een verschil met deze werkelijkheid?) en er is geen dreiging van geweld. Toch voel ik een vluchtneiging. Dat was een jaar geleden ook al zo en het jaar is gewoon verstreken terwijl ik nog leef.

Ik fantaseer over een pied-à-terre in Frankrijk. Een huis waar alleen krekels hun mening geven. Het hoeft niet groot te zijn. Tegen mezelf zeg ik: ‘houd moed. Er komt altijd iets op je pad, als je goed oplet. Misschien is het gewoon een rusthuis en dan heb je eindelijk je zin.’

Februari 2026

Sociaal Minimalisme

Sommige mensen verzamelen vrienden. Ik verzamel stilte. Waar anderen hun weekenden vullen met sociale activiteiten, kies ik mijn contactmomenten met dezelfde zorgvuldigheid als een wijnkenner een fles uit zijn kelder. Eens per week is vaak al een topjaar. Het gaat dus niet om kwantiteit, maar om kwaliteit. Tijd om stil te staan bij de waarde van onze sociale contacten en keuzen te maken.

Sociaal minimalisme heet dat. De kunst van het weglaten. Het scheelt aanzienlijk in het aantal cliché gesprekken (‘En, nog druk?’) en in het aantal keer dat ik onverzorgde tenen hoef te zien in sandalen die om genade smeken. Het is overigens geen ‘kalk’, maar schimmel wat zich daar heeft genesteld. Dat kan ik ook niet nalaten om te zeggen. Maar ik verlang ook naar lawaai annulering vanwege mensen die de wereld om zich heen als geluidsdrager zien. Mijn ziel wil zuurstof in plaats van quasi geluk om zich heen.

Natuurlijk, ik heb mezelf vaak genoeg betrapt op laakbare gedachten. Dat ik mensen alleen nog maar kan zien als winkelkarretjes, gevuld met zinloze, ongezonde producten, twee plus één gratis of een korting van 30%. Maar ik wil niet oordelen, alleen constateren. Met liefde. En oordopjes.

Het mooie van sociaal minimalisme is dat je je energie kunt besteden aan gesprekken die je wél voeden. Het is als het verschil tussen een pizza met cola en een mooie maaltijd met een goed glas wijn. De vraag is: waar word je gelukkig van? ‘Minder is meer’ zei mijn zus. Ze had helemaal gelijk! Daarna was er stilte. En mocht iemand vragen hoe het met me gaat, zeg ik gewoon:

‘Ik doe aan sociaal minimalisme. Het bevalt uitstekend. Je zou het ook eens moeten proberen*.’


* Sociaal Minimalisme – de snelle handleiding

Hoe ik dat doe, werd mij gevraagd. Welnu, ik heb mijn sociale kring onlangs gemarie-kondood. Alles wat geen vreugde bracht, ging eruit. Dat scheelt enorm in zinloze gesprekken over files, kinderen van anderen, en de nieuwste keukentrend. Een zen-monnik zou jaloers zijn op mijn lege agenda. Het enige wat ik nog verzamel, is stilte. En misschien wat oordopjes. Sommigen noemen het afstandelijk. Zelf noem ik het onderhoudsarm.

13 augustus 2025

Steen in je schoen

Na weken zon en geluk kwam er weer een wolkje langs. Stoïcijnen zeggen dat elke steen op je pad een les is. Maar wat als die steen in je schoen zit? Dan leer je vooral hinkelen.

Stoïcijns, in de zin van geen emoties laten zien, rustig en kalm overkomen is iets heel anders. Dat wordt tegenwoordig ‘professioneel gedrag’ genoemd. Ik vind dat raar, omdat het gewoon betekent dat je een masker moet opzetten. Maar vooral moet gezegd worden dat ik dergelijk gedrag niet ‘in huis’ heb.

Onze nieuwe buren hebben nogal actieve kinderen. Het zijn wekkertjes-met-benen, die om half zeven de houten trap afbonken. De door de vorige buurman zorgvuldig aangelegde bloementuin is veranderd in speeltuin met een trampoline op de erfgrens (onder de boom gaf te veel vogelpoep). De tuin is niet groot, dus het verbaast me wat er allemaal ingepropt kan worden: ballen in allerlei soorten en maten, SUP-boards, plastic tafels en stoelen en fietsen (ze hebben er allemaal twee).

Gelukkig staat de bakfiets aan de voorkant, dat scheelt weer. Het raam van de achterkamer staat meestal wijd open, dus ik hoor het geruzie, het gelach, maar ook welke boodschappen er nog gedaan moeten worden en hoe er gezeurd wordt om je zin te krijgen. Of als dat niet lukt het op een krijsen te zetten. Ik besef opeens dat wat een voorrecht bleek te zijn voorgoed veranderd is. Het lijkt alsof we ineens op een camping wonen…

Gisteren vroeg ik me af of verhuizen een optie was. Vandaag belde ik aan, benoemde de herrie zo vriendelijk mogelijk, en hoorde: ‘O, dat hadden we niet door.’ Ze zouden opletten en wilden rekening met ons houden. Ik ben benieuwd. Maar ik houd mezelf voor dat ìk misschien degene ben die zich moet aanpassen aan deze nieuwe werkelijkheid.

Vandaag was een stralende dag: de lucht was strak blauw, er was geen wolk te bekennen. De buren naar werk en school. Niet eerder heb ik zo genoten van de stilte. Waarmee nog eens duidelijk is geworden dat geluk niet zo vanzelfsprekend is als het soms lijkt. Tegelijkertijd dringt het besef door dat het tijd is om plaats te maken. Zij mogen hier ook wonen! Omdat wij hier toevallig meer dan twintig jaar wonen, hebben wij niet meer rechten. Maar misschien past een plek met meer ruimte, rust en kwaliteit van leven beter bij onze levensfase. Het is nooit te laat op op avontuur te gaan!

– 22 april 2025